Johnny de Mol haalt hoge kijkcijfers met Johnny In Oranje, een tv-programma waarin hij bij de spelers van het Nederlands Elftal langs gaat. Maar er is nóg meer oranje voor de presentator, want het WK-lied dat hij met Jan Smit heeft gemaakt komt vrijdag uit. ”Bij Oranjekoorts hoort een lied.”

Stelling: Voetballers zijn oninteressant. Ze hebben weinig te vertellen en hebben naast voetbal nauwelijks interesses…
”Mensen vergeten wat je er voor moet doen om als profvoetballer te slagen. Ik sprak met Dirk Kuijt en Darryl Janmaat en die zeggen allebei dat ze jongens om zich heen hebben gezien met meer talent, maar dat zij er niet zijn gekomen omdat ze niet honderd procent voor het voetbal gingen. Daarnaast zijn voetballers ook altijd voorzichtig. Bang om verkeerde dingen te zeggen.”

Dan is het moeilijk om een goed programma met ze te maken, toch?
”Kijk, wij maken dit programma om de Oranjesfeer op te krikken en de spelers dragen daar hun steentje aan bij. Het is feelgood-televisie. Maar er hoort ook een stukje bij waarin voetballers vertellen over hun jeugd. Jongens als Bruno Martins Indi en Memphis Depay waren heel open. Bruno heeft een heftige jeugd gehad, maar voelde zich bij mij zo op zijn gemak dat hij erover praatte. Heel fijn als je zo’n klik hebt.”

Is het dan niet zo dat de clubs vragen of je de helft niet gebruikt?
”Nee hoor. Ze weten volgens mij wel dat ik altijd integere programma’s maak.”

Je groeide op met een stiefvader die profvoetballer (Sören Lerby die voor Ajax en PSV speelde, red.) was. Hoe vond je dat?
”Heel helder. Sören zei altijd; het kan gebeuren dat een pass niet goed aankomt of dat er een bal van je voet springt, maar je kan je altijd honderd procent inzetten. Wat je ook doet. Nooit je koppie laten hangen. Dat heb ik altijd meegenomen.”

Kwamen er voetballers bij jullie thuis over de vloer vroeger?
”Ja, te gek was dat. Willem Kieft bijvoorbeeld, en Frank Arnesen. Sören organiseerde ook altijd golftoernooien waarna we bij ons in de tuin voetbalden. En John van ’t Schip is natuurlijk getrouwd met mijn zus.”

Je hangt dus niet de fan uit wanneer je onder voetballers bent…
”Integendeel. Ik weet wat het inhoudt. Ik denk dat veel mensen onderschatten hoeveel veerkracht je nodig hebt wanneer je bijvoorbeeld moet terugkomen van een blessure. Bij nul beginnen in het krachthonk, helemaal in je eentje. Daar heb ik diep respect voor.”

In het programma ga je niet langs bij Van Gaal en Van Persie, waarom niet?
”Met Van Persie kwam het niet uit qua tijd en Van Gaal heb ik gevraagd, maar het is niet zijn cup of tea. Mooie man, trouwens. Toen mijn opa overleed heeft hij een prachtige brief aan mijn oma geschreven. Die hadden elkaar wel eens gezien in Portugal waar ze allebei een huisje hebben. Dat is een kant van hem die weinig mensen kennen. Ik heb hem bedankt, want dat had hij niet hoeven doen.”

Wat verwacht je van Oranje op het WK?
”Voor het eerst sinds jaren gaan we niet als favoriet naar een groot toernooi en ik denk dat die underdogpositie zo slecht niet is. Laat iedereen maar zeggen dat ze er niets van bakken en dat ze het niet kunnen. Die jongens gaan er vol voor en een balletje kan raar rollen.”

Hoe ver komen ‘we’?
”We komen in elk geval de eerste ronde door en daarna is alles mogelijk. Dan kun je negentig minuten slecht spelen en met 1-0 winnen of fantastisch spelen, alleen maar de lat raken en eruit vliegen.”

Met wie moeten we voorin spelen?
”Met Robben, Van Persie en Depay.”

En de rest?
”Blind, Sneijder en Nigel de Jong. Sowieso Cillessen op goal en Vlaar in het centrum van de verdediging. Darryl Janmaat op rechts.”

We hebben er nog twee nodig…
”Ik kom er niet helemaal uit…”

Waar ben jij vrijdagavond 13 juni?
”Naast Jan Smit in het stadion in Salvador. Met Jan heb ik het WK-lied Nederland Wordt Kampioen opgenomen. Voor Johnny In Oranje kwamen we op het idee om een lied te maken. Bij Oranjekoorts hoort een lied. De Oranjespelers in het programma hebben er ook aan meegeschreven.”

Voor aanvang van Nederland – Ecuador aanstaande zaterdag in de ArenA zingen jij en Jan jullie lied. Al zenuwachtig?
”Nee joh! Dat is lachen man, ik ga met Jan om twee uur aan de pils en dan komt het helemaal goed, haha!”